Home Blog Behandeling Zelfhulp gaat niet vanzelf
Zelfhulp gaat niet vanzelf
Geschreven door Frank Kraaijeveld   
maandag, 24 januari 2011 09:21
Laagdrempelige online zelfhulp zonder professionele begeleiding is geen adequate oplossing voor onbehandelde depressieve klachten. Dat is een belangrijke conclusie van het onlangs gepubliceerde proefschrift van Sylvia Gerhards, Evaluation of self-help computerised cognitive behavioural therapy for depression’. Zij toont aan dat de verbetering in depressieve klachten matig is en de therapietrouw laag. Gerhards heeft het programma ‘Kleur je leven’, online zelfhulp voor depressie, onderzocht vanuit klinisch, economisch en patiëntenperspectief. Haar kwalitatieve analyse van wat er mis ging bij het gebruik van het programma heeft geleid tot een aantal aanbevelingen die van belang zijn voor iedereen die zich met e-health ontwikkeling bezighoudt. IPPZ vat deze ‘tips voor verbetering’ voor u samen.

Veel mensen met depressieve klachten krijgen nog geen adequate behandeling. Het is bekend dat deze klachten leiden tot verminderde kwaliteit van leven en hoge kosten. Dat online zelfhulpprogramma’s voor depressie en andere psychische problemen ontwikkeld worden ligt voor de hand. Ze hebben diverse voordelen: grote toegankelijkheid, geschikt voor anoniem gebruik, lage kosten. De gebruiker kiest zelf het tijdstip waarop hij er gebruik van maakt, en heeft helemaal zelf de controle over het gebruik. Er kunnen mensen mee bereikt worden die zelf niet de stap maken om hulp te zoeken. Toch blijkt nu uit het onderzoek van Gerhards zelfhulp bij depressie, dat de meeste mensen het programma niet afmaken en de effectiviteit matig is. Het ontbreken van support of feedback  ziet zij als een belangrijke oorzaak van de matige resultaten.

Meer onderzoeken wijzen uit dat toevoegen van support door een professional leidt tot toename van therapietrouw en betere effectiviteit. Zo bleek in een onderzoek van Perini et al. (2009)  naar online cognitieve gedragstherapie, waarbij patiënten wekelijks feedback op hun opdrachten kregen,  maar liefst 74% van deelnemers de behandeling helemaal af te maken. In het onderzoek van Gerhards, waarbij geen support wordt geboden, komen veel lagere percentages voor (gemiddeld minder dan 30%).  Palmquist et al. (2007) vonden een sterke correlatie tussen de mate van support door de therapeut en het effect van de online interventie voor depressie.

Gerhards onderzoekt ook de redenen van de forse uitval van deelnemers en de matige effecten van ‘Kleur je leven’. Via semi-gestructureerde interviews brengt zij de patiëntervaringen in beeld. Zij komt zo tot een aantal barrières die succesvol gebruik van het programma in de weg staan. Op basis daarvan formuleert zij aanbevelingen voor een verbeterd gebruik van het online zelfhulpprogramma voor depressie.

Tips voor verbetering van de effectiviteit van zelfhulpprogramma’s
Gerhards baseert haar aanbevelingen op literatuuronderzoek, onderzoeksdata en interviews met gebruikers van ‘Kleur je Leven’.

1.Toevoegen van support van hulpverlener, familielid of lotgenoot
Gebruikers geven aan dat zij aansporing nodig hebben om actief met het programma bezig te zijn. Deze aansporing kan per mail of sms plaatsvinden, het hoeft niet altijd face-to-face. De effectiviteit van de support door een hulpverlener hangt mede af van de kwaliteit van de therapeutische relatie. Ook support door niet-hulpverleners kan bijdragen. Ervaringsdeskundigen kunnen patiënten goed bijstaan, en de patiënten uit het onderzoek geven ook aan dat steun uit hun directe sociale omgeving behulpzaam kan zijn.

2. Goede afstemming op de gebruiker
Voor duurzaam effect van zelfhulp is het van doorslaggevend belang dat patiënten zich met het programma verbinden en de bijbehorende (huiswerk)opdrachten maken. Om zich te kunnen verbinden moeten de gebruikers zich voldoende kunnen identificeren met de doelgroep en moet het programma optimaal aansluiten bij de specifieke situatie van de gebruiker. Er zijn verschillende manieren om dit te doen: het programma op maat maken voor specifieke doelgroepen (jongeren, ouderen, werklozen), of juist in een vroeg stadium op basis van patiëntkarakteristieken het programma persoonlijk afstemmen op de gebruiker.

3. Creëer reële verwachtingen
Mensen die een lage verwachting hebben van de uitkomst van een zelfhulpprogramma, zullen er minder snel van profiteren. Dus het is de vraag of je deze mensen het programma zou moeten aanbieden. Een positieve verwachting van het resultaat is van belang, maar ook een realistische verwachting van de eigen rol en activiteiten. De kans op succes wordt verhoogd, wanneer mensen goed geïnformeerd zijn over de activiteiten die van hen verwacht worden bij het volgen van het programma.

4. Goede informatievoorziening over de inhoud van het programma
Wanneer een patiënt goed weet wat hij kan verwachten van een programma, verhoogt dat de kans op therapietrouw, maar ook op een beter gebruik van het programma. Keuzemogelijkheden in het gebruik van het programma, kunnen zijn motivatie vergroten. Goede uitleg over hoe de patiënt de verschillende programma-onderdelen kan gebruiken, verdiept zijn begrip ervan.

5. Optimaliseer de computervaardigheden en de werkomstandigheden
Gebruikers  verschillen in ervaring en vaardigheid bij het gebruik van de computer. Onderschat niet de negatieve ervaringen die mensen met computergebruik kunnen hebben. Vergroot de kans op een effectief programma door aandacht te hebben voor voldoende computervaardigheden, de juiste computer en internetverbinding en een goede plek om rustig en met voldoende privacy aan het programma te werken.

Tenslotte
Bij de ontwikkeling van e-health toepassingen is aandacht voor de patiëntervaring van groot belang. Wanneer de patiënt goed geïnformeerd en geïnstrueerd aan de slag kan, zich kan identificeren met het programma en zich actief gesteund weet door een hulpverlener en/of andere betrokkenen, neemt de kans dat hij er succesvol gebruik van kan maken, fors toe.


Bronnen:
Gerhards, S.A.H.(2010). Evaluation of self-help computerised cognitive behavioural therapy for depression. Integrating clinical, economic and patient perspectives. Proefschrift. Universitaire Pers Maastricht.

Palmqvist, B., Carlbring, P, Andersson, G. (2007). Internet-delivered treatments with or without therapist input: does the therapist factor have implications for efficacy and cost? Expert Review of Pharmacoeconomics and Outcomes Research, Volume 7, Number 3, June 2007 , pp. 291-297(7).

Andersson, G. (2008). Internet-based cognitive-behavioral self help for depression. Expert Review of Neurotherapeutics, Volume 6, Number 11, November 2006 , pp. 1637-1642(6).

Perini, S., Titov, N., Andrews G. (2009). Clinician-assisted Internet-based treatment is effective for depression: Randomized controlled trial. Australian and New Zealand Journal of Psychiatry Vol. 43, No. 6 , Pages 571-578.